recensies

Zelforganisatie en de stad

Andrew Kelly (red.) (2024)

Mutual Aid, Everyday Anarchy: Essays on Colin Ward

Five Leaves Publications, Nottingham
ISBN 978-1-915434-22-7
£10

Soms kom je erachter dat je een denker en schrijver helemaal hebt gemist. In mijn geval Colin Ward (1924-2010), een in het Verenigd Koninkrijk invloedrijke denker over anarchisme en ruimtelijke en sociale ontwikkeling. Ik vermoed dat veel vakgenoten in Nederland hem niet of nauwelijks kennen. Wat jammer is, want zijn denken en schrijven bieden inzichten die ook relevant voor ruimtelijk professionals in Nederland. Zeker nu gemeenten bezig zijn met het opnieuw vormgeven van participatie zoals de Wet versterking participatie op decentraal niveau verplicht.

Colin Ward promootte een milde anarchie, waarbij het vooral ging om zelforganisatie buiten de formele structuren van staat en kapitalisme. Bekende en invloedrijke werken van zijn hand zijn Anarchy in Action (1973), een verzameling essays die laat zien hoe anarchistische principes zoals zelforganisatie, vrijwillige associatie en wederzijdse hulp al bestaan in de praktijk binnen de huidige samenleving (op scholen, in volkstuinen, bij woningbouwprojecten, etc.), en The Child in the City (1978), waarin Ward de relatie tussen kinderen en de stedelijke omgeving onderzoekt en pleit voor meer vrijheid, speelruimte en autonomie voor kinderen in de stad. Een ander belangrijk werk is Cotters and Squatters: Housing’s Hidden History (2002) over huisvesting, over de geschiedenis van informele nederzettingen, kraken en zelfbouw en het belang van zelfredzaamheid en gemeenschapsinitiatieven in het verlichten van huisvestingsproblemen.

De essaybundel Mutual Aid, everyday Anarchy: Essays on Colin Ward is gepubliceerd in 2024 ter gelegenheid van Wards 100ste geboortejaar. De bundel bevat twintig essays, geschreven door auteurs van wie sommigen Ward persoonlijk hebben gekend of met hem hebben samengewerkt, terwijl anderen dat niet hebben. In de essays worden verschillende aspecten van het denken en schrijven van Ward behandeld, variërend van leerprocessen en het organiserend vermogen van de samenleving tot hoe het formele planningssysteem krachtige initiatieven kan smoren. Ook wordt belicht hoe het werk en denken van Ward de essayisten heeft beïnvloed in hun eigen denken en handelen. Het denken van Ward ging veel over zelforganisatie, de kracht van onderaf, grondeigendom, recht op huisvesting en hoe zich dat in het ruimtelijke domein vertaalt. De essays nodigen uit om het werk van Ward zelf te gaan onderzoeken. Hierna volgen een aantal essays die het brede denken en werken van Ward laten zien.

Zo wordt in het essay ‘Take Ten: Paid Educational Leave and the Art of Citizenship’ door Catharine Burk stilgestaan bij hoe we het onderwijs nu georganiseerd hebben, versus hoe het ook zou kunnen: ‘learning through the city, learning about the city, learning to use the city, to control the city or to change the city’ (uit The Child in the City, 1978). Ze stelt dat de stad gebruikt kan worden voor het leerproces van kinderen, door gebruik te maken van hun creativiteit en natuurlijke nieuwsgierigheid. Dit vraagt een actieve en bewuste inspanning om de fysieke omgeving te ontwerpen en te beheren als een toegankelijk, veilig, divers en participatief leerlandschap dat de stedelijke ruimte optimaal benut voor de ontwikkeling en betrokkenheid van kinderen.

In het essay ‘A Different Kind of Planning: Learning from Colin Ward’ staat Ron Cowan onder andere stil bij de Theory of Loose Parts. Deze theorie geeft aan dat ‘the degree of inventiveness and the possibility of discovery in an environment are directly proportional to the number and kind of variables in it’, en benadrukt daarmee het belang van ongestuurde, bottom-up ontwikkeling. Vanuit het perspectief van het ruimtelijk domein betekent dit dat het faciliteren van ongestuurde bottom-up ontwikkeling vraagt om het inrichten van flexibele ruimtes met diverse, aanpasbare elementen die gebruikers stimuleren tot interactie, experiment en personalisatie van hun omgeving. Echte uitnodigingsplanologie.

Paul Dobraszczyk toont in zijn essay ‘A Seed beneath the Snow: Everyday Anarchism’ aan dat vormen van anarchie overal om ons heen bestaan, en niet pas in een utopische toekomst. Zoals Simon Springer in zijn boek The Anarchist Roots of Geography: Towards Spatial Emancipation (2016) aangeeft: ‘every time you have ever invited friends over to dinner, jaywalked, mowed your neighbour’s lawn, skipped a day at work, looked after your brother’s kids, questioned your professor, borrowed your mother-in-law’s car, disregarded a posted sign, or returned a favour, you have – perhaps unknowingly – engaged in anarchist principles’. Een besef dat nodig is om te doorzien hoe de samenleving werkt en hoe deze eigenschap benut kan worden. Dat we voorbij de formele planning moeten kijken en inzien hoe alledaags, ongepland gebruik juist datgene is dat ervoor zorgt dat een gebied wel of niet goed functioneert.

In haar essay wijst Alice Ferguson op de rol die ‘Spaces Left Over After Planning’ (SLOAP) voor kinderen hebben. Plekken voor kinderen om te spelen, te ontdekken en creatief te worden; een concept relevant voor Wards The Child in the City. Ze wijst verder op de zeer grote impact die automobiliteit heeft gehad op de vrijheid van kinderen in de stad. Ward heeft hierover opgemerkt: ‘the failure of an urban environment can be measured in direct proportion to the number of playgrounds’.

Elk essay is de moeite van het lezen waard en prikkelt de nieuwsgierigheid om niet alleen de werken van Colin Ward zelf te lezen, maar ook de vele andere werken die in de essays worden geciteerd. Colin Wards gedachtegoed biedt verfrissende inzichten voor de hedendaagse Nederlandse ruimtelijke ontwikkeling, met name in het licht van de Omgevingswet. Door de principes van zelforganisatie, bottom-up initiatieven en het faciliteren van flexibele ruimtes te omarmen, kunnen we omgevingen creëren die beter aansluiten bij de behoeften van de samenleving. Door onder andere het beter (h)erkennen van de waarde van alledaags gebruik en bijvoorbeeld de behoeften van kinderen in de stedelijke planning integraal mee te nemen.

Website by HOAX Amsterdam